Actueel: 24 mei 2019

Inleiding

Wanneer we kijken naar de (beurs)ontwikkelingen van de laatste tijd dan doen we dat met en dubbel gevoel. Aan de ene kant hebben we te maken met een hoge stand van de beurzen en aan de andere kant met forse fluctuaties. De fluctuaties komen vooral voort uit onzekerheid over de handelsoorlog tussen de VS en China. Ook de strubbelingen tussen de VS en Iran werken door, bijvoorbeeld in de olieprijzen. Dit alles zorgt voor onzekerheid bij beleggers maar is op zichzelf niets nieuws. Zelf heb ik, als belegger, weinig behoefte om in te gaan op ”de toestand in de wereld” en daar diepzinnige beleggings- conclusies aan te verbinden. Dat laat ik graag aan anderen over. Je kunt de toekomst toch niet voorspellen. Wel kunnen we inspelen op feiten en zichtbare trends, zeker als dividendbelegger. We zijn immers gericht op permanent inkomen uit onze investeringen en dat willen we graag zo houden in goede en slechte tijden.

Altijd belegd zijn?

Als dividendbeleggers slaap je meestal rustiger dan een belegger die alleen uit is op koerswinst, al was het maar omdat je niet iedere dag hoeft te kijken naar de stand van zaken. Feit is dat, ook is turbulente tijden, het krijgen van continu stabiel dividend een geruststellende gedachte is. Daarvoor moet je dan wel altijd belegd zijn, zowel in goede als in mindere tijden. Verder moet je dan hopen dat dividend intussen constant blijft en liefst regelmatig stijgt. De kunst blijft dus om dividendfondsen te vinden die in alle tijden goed presteren. We doen ons best om de Voorbeeldportefeuille op deze wijze samen te stellen en up to date te houden.

De Amerikaanse beurzen hebben de eerste vier maanden van dit jaar zeer goed gepresteerd en de verliezen van december ruimschoots goed gemaakt. Om het optimale uit je dividendportefeuille te halen moet je op het juiste moment instappen en eigenlijk zolang mogelijk blijven zitten, zeker wanneer een fonds het dividend regelmatig verhoogt. Daarnaast moet je proberen (extra) toe te slaan wanneer de koersen zijn gedaald zoals afgelopen december. Of…toch een keer een fonds verkopen wanneer je, naast dividend, ook een forse koerswinst kunt incasseren? Kortom, een beetje weten hoe je het spel moet spelen blijft belangrijk. Beursturbulentie is van alle tijden en niets nieuws. Toch blijft juist in heftige beurstijden dividendinkomen een plezierige zekere pijler onder jouw portefeuille.

Beursdaling goed voor dividendbeleggers; het dilemma

De meeste beleger worden blij van koersstijgingen. Zelf word ik er af en toe zenuwachtig van. Als inkomensgerichte belegger moet mijn geld voor mij werken in de vorm het verkrijgen van continue stabiel dividend. Om dividend te ontvangen moet je in bezit zijn van aandelen. Maar soms moet je toch wachten op cq. profiteren van een koersdaling om een hoger (blijvend) dividendrendement te krijgen en te houden. Bij stijgende koersen wordt het daarom lastiger om goede “income-stocks” te vinden met een aantrekkelijk (hoog) dividend. De formule is immers:

Dividendrendement= Jaardividend x 100/koers op aankoopdatum.

Een beurscorrectie is voor veel beleggers niet plezant omdat je portefeuille minder waard wordt. Wij, als dividend beleggers, zijn helemaal niet zo negatief over beurscorrecties, integendeel. Stabiel continu (en liefst groeiend) dividend is op termijn de meest bepalende factor voor het rendement van een portefeuille, zeker wanneer je ook herbelegt. Beurzen fluctueren altijd, dividend fluctueert nauwelijks in de Amerikaans “dividendcultuur”. Dalende beurzen geven immers hogere dividendrendementen, zo laat een gangbaar voorbeeld zien.

Voorbeeld

Bedrijf X geeft al jarenlang een vast dividend van 2$ per jaar.

Vandaag kost het fonds 25$ per aandeel. Jouw rendement bedraagt 8% jaarlijks (2/25 x 100%).

De koers van X daalt morgen naar 23$; het jaardividend blijft gelijk (2$). Jouw dividendrendement word nu 8,7% (2/23 x 100%).

Wanneer je instapt na een koersdaling:

  • wordt je dividendrendement dus hoger en dat blijft zo
  • koop je de aandelen tegen een lagere prijs; wanneer de koers weer gaat stijgen pak je ook koerswinst mee.

Dubbel voordeel dus, ook wel genaamd “total return” (dividend + koerswinst).

Ondanks de hoge beurskoersen van dit moment blijven er gelukkig voldoende aantrekkelijke (soms ondergewaardeerde) fondsen in de markt die een prima dividendrendement bieden; maar we moeten er wel meer naar op zoek.

Dividend records

Opnieuw is een record gevestigd m.b.t de groei van de dividenden wereldwijd. In de eerste drie maanden van 2019 is in totaal wereldwijd maar liefst 263 miljard dollar aan dividend uitgekeerd. Amerikaanse fondsen gaan wederom voorop in het betalen van dividend aan investeerders. Circa 50 % is voor rekening van Amerikaanse bedrijven. In het eerste kwartaal van 2019 zal in de VS bijna 150 miljard dollar worden uitgekeerd, dat is een groei van ruim 4% t.o.v. 2018. Het vreemde is dat het gemiddelde dividendrendement van de 500 grootste Amerikaanse fondsen slechts 1,9% is. Hoge dividenden komen dus nauwelijks voor bij de grote bedrijven in de VS. Je weet inmiddels dat je hoge Amerikaanse dividenden ergens anders moet zoeken.

Analyses van “dividend-aangelegenheden” komen meestal van Janus Henderson; een grote financiële instelling in de VS met onder meer eigen beleggingsfondsen Negen van de tien VS-dividend-betalers heeft overigens ook het dividend verhoogd in het eerste kwartaal van dit jaar. Dividendgroei is zeer belangrijk en is ook een maat voor de gezondheid van een bedrijf.

Misschien kunt je daarom enige tips gebruiken in deze turbulente tijden.

Vier tips

Tip 1: The Warren Buffet way?

Warren Buffet (88) is de meest succesvolle investeerder aller tijden. Hij is altijd in de markt ongeacht de bewegelijkheid van de beurs zowel tijdens recessies als bij wederopstanding van beurzen. Beursgoeroes en voorspellers bestaan niet volgens hem. Gezond verstand, daar gaat het om. Recent vond de jaarlijks aandeelhoudersvergadering van zijn beleggingsfonds Berkshire Hathaway (BH) plaats. In niets doet een dergelijk bijeenkomst denken aan een Nederlandse aandeelhoudersvergadering. De bijeenkomst is een megashow, die samen wordt georganiseerd met alle bedrijven waarin Buffet belegt. Duizenden bezoekers van alle leeftijden komen langs voor een leerzaam dagje beleggen. Ook veel tieners en zelfs kinderen zijn onder de bezoeken; die worden op jonge leeftijd al geleerd wat beleggen is en waarom je dat moet doen. Warren Buffet is hun grote voorbeeld.

Hij is grotendeels rijk geworden door een “Buy and Hold Strategie”. Steeds groeiende dividendinkomsten hebben fors bijgedragen aan zijn succes, vanzelfsprekend in combinatie met koersstijgingen. Hij zit vaak decennialang in fondsen die hun dividend regelmatig verhogen zoals Cola Cola. De vuistregel daarbij is dat stijgend dividend op termijn vrijwel altijd wordt gevolgd door een stijgende koers.

Zijn devies:

Blijf altijd in de markt en probeer deze niet te voorspellen. Wat experts je ook

vertellen “hopping on & off” met aandelen werkt niet bij de meeste mensen.

Tip 2: Wachten op een dip?

De koersen staan hoog en dat betekent dat dividendrendementen gemiddeld lager worden. Nogmaals:

Dividendrendement is jaardividend 100/koers op aankoopdatum.

Mede om deze reden verwijder ik af en toe een fonds uit de portefeuille omdat het dividendrendement te laag wordt en de aankoopkoers te hoog; dus in feite om een positieve reden zoals recent Omega Healthcare (OHI).

Een fonds verkopen na een forse koersstijging is natuurlijk wel aantrekkelijk. Echter; wanneer je wilt instappen of een fonds wilt bijkopen zijn hogere koersen minder aantrekkelijk. In veel gevallen is wachten op een koersdaling van het fonds dan een alternatief. Je stap dan daarna in op een lagere koers met een (blijvend) hoger dividend zo lang je het fonds in bezit houdt. Ook kun je overwegen om bij een beursdaling een (tijdelijk) effectenkrediet op te nemen op je portefeuille als je op dat moment onvoldoend liquiditeit hebt.

Tip 3: Denk aan 52-week hoog/laag.

Een van de dingen die je kunt doen, wanneer je overweegt een fonds te kopen, is om te kijken naar de “52-weeks high-low”.

Tijdens de workshops gaan we altijd dieper in op de selectiecriteria van fondsen, voordat we ze opnemen in de portefeuille. Er zijn ca. 10 criteria, dus niet alleen hoog dividend op zichzelf!

Eén van de criteria is dat je kijkt naar de hoogste en de laagste koers van het afgelopen jaar (52 weken). Op de meeste beleggingssites in de VS wordt deze informatie dagelijks vermeld. Kijk maar eens bij www.dividend.com. In veel gevallen is het niet verstandig om een fonds te kopen wanneer het dicht bij de hoogste koers staat van de laatst 52 weken. Een koerscorrectie daarna is waarschijnlijker dan een koersstijging. Beter is om een fonds te kopen wanneer de koers het op het gemiddelde staat van de laatste 52 weken of daaronder.

Dit geldt natuurlijk niet altijd, maar als vuisteregel kun je het goed gebruiken.

Tip 4: Meer Prefs en babybonds?

We hebben onze portefeuille de laatste tijd uitgebreid met meer preferente aandelen en babybonds en dat heeft een reden.

Preferent aandelen zijn zeer veilig v.w.b. de stabiliteit en continuïteit van het dividend; bezitters van prefs hebben altijd voorrang bij uitbetaling t.o.v. van de gewone aandeelhouders. Bonds zijn nog veiliger zoals je weet.

Toch kunnen ook prefs een dreun krijgen wanneer de uitgevende partij daadwerkelijk in de financiële problemen komt zoals we helaas hebben gezien bij CBL, die inmiddels uit de portefeuille is verwijderd. Gelukkig komt dit zelden voor. Lager instappen bij een pref (t.o.v. de nominale waarde) kan ook heel goed uitpakken; vele prefs noteren lange tijd onder de nominale waarde, zeker wanneer de looptijd lang is. Om deze reden voeg ik ditmaal een pref toe waarmee je vrijwel zeker ook koerswinst kunnen boeken naast een dividend van ruim 8%.

Verschil tussen Cumulatieve Prefs en Non-Cumulatieve Prefs

Van diverse abonnee kreeg ik de vraag over het verschil tussen Cumulatieve Preferente aandelen en Non-Cumulatieve prefs.

Voor diegenen die prefs in hun portefeuille hebben opgenomen is het misschien wetenwaardig om eens stil te staan gaan bij de verschillen.

Er bestaan twee soorten Prefs, te weten Non-Cumulatief en Cumulatief.

Wanneer een pref “Non-Commutatief” is, kan de uitgevende partij het dividend te allen tijde uitstellen of zelfs geheel stoppen! Aandeelhouders kunnen geen claim leggen op uitgestelde of niet gedane dividendbetalingen. Wel kan de uitgeven partij pas van dit recht gebruik maken wanneer men ook de betaling van het “gewone dividend” heeft gestopt.

Bij Cumulatieve prefs is dit anders. Hier moet de uitgevende partij te allen tijden de eventueel achterstallige dividenden alsnog uitbetalen, tenzij men failliet gaat.

Je zult dus zeggen: laat mij dan maar alleen Cumulatieve prefs opnemen in mijn portefeuille. Waarom zou je immers een Non-Cum pref kopen wanneer deze dezelfde karakteristieke heeft als een Cum-pref zoals prijs, veiligheid, rendement etc. De praktijk wijst toch anders uit.

Analyse

Ik las een interessante analyse over de marktsituatie van Cumulatieve en Non- Cummulatieve prefs over de laatste 10 jaar.

Er bestaan ca 160 Non-Cum prefs van ruim 20 bedrijven. Het blijkt dat Non- Cum prefs over het algemeen sterker blijken dan Cum-prefs, ondanks het feit dat zij dividenden kunnen skippen en stoppen. Dat blijkt dus geen probleem voor vele beleggers. De redenering is immers dat ook bij gewone aandelen het dividend kan worden verminderd of helemaal gestopt. Zolang je investeert in een kwalitatief goed bedrijf is er weinig aan de hand. Om deze reden blijkt dat Non-Cum prefs zelfs een hogere rating hebben dan Cum-prefs (de zogenaamde Investment Grade). Deze ratings komen van bekende rating-bureaus in de VS (zoals Moodys en Standard and Poor’s) en zijn een maat voor het risico; een hoge rating is beter dan een lage.

Toch kiezen investeerders meer voor Cum-prefs dan voor Non-cum prefs. Ik moet zeggen dat ik, bij de samenstelling van de portefeuille, ook altijd gekozen heb voor Cum prefs. Alle fondsen in voorbeeldportefeuille zijn immers Cum- pref fondsen.

Tip: Codi

Zelf heb ik ook enige een Non-Cum stocks in portefeuille waaronder Compass Diversified Holdings LLC 7.250% pref (CODI-A).

Dit fonds is (nog) niet opgenomen in de voorbeeldportefeuille. Codi is een

typisch “venture capital” bedrijf. Men investeert voor 4 tot 7 jaar in een bedrijf met als doel dit verder te laten renderen. De pref Codi-A is een prima fonds met een dividendrendement van 8,5% netto plus een aanzienlijke kans op koerswinst richting de nominale waarde van 25$. Voor diegene die niet bang zijn voor een Non-Cum pref is dit een aanrader.

Verschillen Nederlandse/Belgische brokers

Regelmatig bereiken ons vragen over de verschillen/voor- en nadelen van de diverse brokers. Wij kunnen geen accounts aanhouden bij alle Nederlandse en Belgische brokers om een objectieve vergelijking te maken. Wel kunnen we, uit eigen-, en abonnee-ervaringen, een aantal verschillen tussen tussen Binckbank en DeGiro noemen. Op hoofdlijnen zijn de ervaringen als volgt: Transactiekosten

Voor ons als dividendbeleggers is dit niet zo relevant gezien het lage aantal mutaties dat wij nastreven. Transactiekosten zijn bij DeGiro duidelijk (veel) lager. Bij Binck betaal je ca. 8-10 euro per transactie bij de giro ca. 1 euro Bronbelasting

De percentages zijn identiek m.u.v preferente aandelen. Bij Binck betaal je 0% op prefs (zo hoort het ook) en bij DeGiro 15 %!

Keuzemogelijkheden

Sinds 2018 hebben beide brokers Closed-end Funds (CEF’s) en ETF’s niet meer beschikbaar. Toch hebben we over het algemeen meer keuzemogelijkheden bij Binckbank. Tevens is Binckbank aanzienlijk flexibeler wanneer wij vragen om een (niet standaard) fonds beschikbaar te maken.

Rood staan.

Alle brokers bieden mogelijkheid van roodstand op je portefeuille (effecten krediet). Bij DeGiro betaal je slechts ca. 2% rente; bij Binck 6-8%. Een groot verschil!

Responsetijd.

De helpdesk van Binck vindt men sneller en duidelijker dan die van DeGiro.

Conclusie

Het kan dus voordelig zijn om beide brokers te hebben. Dan kun je op alle aspecten voordeel behalen. Graag verzoek wij lezers die ervaringen hebben met andere Nederlandse/Belgische broker deze met ons te delen.

De Portefeuille

We hebben weinig opzienbarends te melden v.w.b. de portefeuille en dat is ook wat we willen. De portefeuille is stabiel en er zijn weinig fluctuaties in dividendenuitkeringen. Ook de dividenduitkeringen van bijna alle Closed end Funds zijn stabiel ofschoon je helaas de meeste CEF’s niet via een Nederlandse/Belgische broker kunt kopen. Binck bied je daarbij nog de meeste mogelijkheden. Per CEF moet je eigenlijk steeds kijken of jouw broker die (nog) biedt; anders is een Amerikaanse broker zoals “Tasty Works” een optie.

Arbor Realty Trust (ABR)

Een van de fondsen in portefeuille die het prima doet is Arbor Realty Trust. ABR is een zogenaamde mortgage reit (financiering onroerend goed). Analisten blijven zeer positief over dit goed presterende fonds. Het dividend wordt regelmatig verhoogd en dat is een teken van kracht. Recent is het dividend verhoogd met 3,7% naar 0,28 $. Ook werd in 2018 een speciaal dividend betaald. Het dividend is ca 25% per jaar gestegen gedurende de afgelopen jaren en dat zal zich waarschijnlijk verder voortzetten.

Ares Capital (ARCC)

Hetzelfde geldt voor Ares Capital. ARCC is een van de grootste en succesvolste Business Development Companies, met een zeer goede pers bij de analisten. Ook hier heeft een extra dividendverhoging plaatsgevonden van 0,02$ per kwartaal per aandeel. Het bedrijf heeft daarnaast al twee keer het dividend verhoogd gedurende de laatste drie kwartalen.

Macquarie/First Trust Global Infrastructure/Utilities Dividend & Income Fund (MFD)

MFD heeft dividend verlaagd van 0,30 naar 0,25 $ per aandeel.

Geen ramp om dat het fonds zich hiermee voor de toekomst financieel veiliger stelt. Na een dividendverlaging is een CEF meestal koopwaardig omdat dividendverlagingen van CEF in korte tijd vrijwel niet voorkomen.

Main Street Capital (MAIN)

In de portefeuille heb ik enige fondsen als “groei-dividend fondsen” gekwalificeerd. Dit zijn fondsen die een historie hebben van regelmatige dividendverhogingen en dus voor de langere termijn “buy and hold” kunnen zijn. Op het eerste gezicht lijkt het dividend niet zo hoog maar bedenk dat bij dergelijke fondsen ook koersstijgingen op termijn een rol spelen.

Verhoging van dividend levert steevast op termijn ook koersstijging op. Leer in dit verband van Warren Buffet: dan zou je toch een investering in Mainstreet Capital kunnen overwegen, ondanks het feit dat het

dividendrendement op “slechts” 6% staat. MAIN is een Business Development Corporation (BDC) in de VS die zeer regelmatig haar dividend verhoogt. Zoals gezegd; bij bedrijven die hun dividend regelmatig verhogen zie je bijna altijd dat ook de koers vroeg of laat meestijgt. Dan verdien je dus dubbel (total return = koerswinst + dividend).

Bovendien keert MAIN ook elk half jaar een fors tussendividend uit dat nooit helemaal zeker is maar wel vrijwel altijd plaats vindt. Het dividendrendement zoals vermeld in de lijst is daardoor hoger dan 6%, bijna 8% zelfs. MAIN is dus bij uitstel een dividend-groeifonds om voor langere tijd te vast houden.

MAIN heeft recent het reguliere (maand) dividend verhoogd met 2,5% naar 0,205 $/aandeel. Daarnaast heeft men een extra jaardividend aangekondigd van 0,25 $ per aandeel te betalen in juni.

Portefeuille wijzigingen

De voorbeeldportefeuille wordt deze maand licht aangepast als volgt.

Toegevoegd:

Colony Capital 7.15% Series H Cumulative Redeemable Perpetual Preferred Stock (CLNY-PH)

Dit keer voegen we weer een pref toe aan onze portefeuille uitgegeven door

Colony Capital Inc. (CLNY)

Deze pref kun je op dit moment betrekkelijk goedkoop kopen rond 21$. Je weet dat deze pref vroeg of laat in koers gaat stijgen richting 25$ omdat dat de nominale waarde is. Vanaf april 2020 mag men deze pref van de beurs halen maar alleen tegen 25$; dat is al volgend jaar. Of dat geschiedt weet je niet maar het zal zeker een koers verhogend effect hebben.

Waarom is de instapkoers (ca 21$) voor deze pref betrekkelijk laag?

Colony Capital is een van de grootse Real Estate Investment Trust in de wereld Dit komt mede door de fusie met een andere speler (Northstar) bijna twee jaar geleden. CLNY beheert voor ca. 43 miljard dollar aan aan “onroerend goed assets” waaronder medisch voorzieningen, hotels en industriële complexen.

De gewone koers van CLNY en de koers van deze pref zijn gedaald na de fusie. Dat komt vaak voor na fusies omdat beleggers de kat uit de boom kijken i.v.m. met de integratie van beide bedrijven. Deze integratie verloopt inmiddels voorspoedig. CLNY heeft meer dan 1 miljard dollar in kas en dat is een goede basis voor de betaalbaarheid en veiligheid van het dividend.

De voornaamst kracht van Colony is de enorme hoeveel “assets” en de spreiding hiervan op allerlei terreinen. Recessie-proof dus volgens de meeste analisten. Het kwartaaldividend is 0,44 $. Op dit moment is het resultaat een dividendrendement van ruim 8% (netto) dat je voor jarenlang veilig kunt stellen plus koerswinst.