Actueel Easy Income Plan – 1 april 2021

finance 108655 1920

We zijn inmiddels drie maanden op weg met de Easy Income Portefeuille (EIP) en het verheugt ons dat veel nieuwe beleggers zich al hebben aangemeld voor deze service. Hierbij vind je de eerste kwartaal-update van het EIP.
Elk kwartaal brengen we zo’n “Actueel” uit om je op de hoogte te houden van alle ontwikkelingen zowel in algemeen zin als m.b.t. tot de voorbeeldportefeuille. Daarnaast zullen we regelmatig een onderwerp behandelen waarmee je de “ins en outs” van Closed end Funds nog beter zult gaan begrijpen, als je dat wilt natuurlijk.

Want het EIP is bedoeld om het allemaal eenvoudig te houden, zeker voor hen die uitsluitend de portefeuille willen volgen v.w.b. de fondsen en hun dividendrendementen. Maar wie hun kennis verder willen uitbreiden, kunnen dat ook geleidelijk doen via EIP-Actueel aan de hand van meer achtergrondinformatie over CEF’s. In deze uitgave vind je daar de eerste voorbeelden van.

Maar allereerst gaan we eens kijken naar huidige toestand in de (beleggings)wereld met name in de VS.

De stand van zaken

De portefeuillewaarde van de meeste beleggers is waarschijnlijk aanzienlijk toegenomen na de dip van maart 2020 en dat mag ook wel. Het (bij)kopen van fondsen in de afgelopen tijd is lucratief gebleken, zeker omdat velen ook hoger dan gemiddelde dividenden hebben kunnen “vastzetten”. In dit verband laten we toch nog maar eens de formule voor dividendrendement zien, daar draait het toch om.

Dividendrendement (%) = Jaardividend x 100/ koers op aankoopmoment

Wanneer koersen dus dalen biedt dat voor instapper of (bij) kopers vrijwel altijd een hoger dividend dat je vasthoudt zolang je het fonds in bezit houdt.

We voorzien voor (de rest van) 2021 een verder herstel van de beurzen, maar misschien zijn ze daar al te ver op vooruit gelopen? Beleggers kijken immers altijd vooruit en daar hebben we mogelijk al deels van geprofiteerd. De beurshausse wordt vanzelfsprekend gestimuleerd door het fors opendraaien van de geldkraan in de VS met ongekende stimuleringsmaatregelen. Toch zijn er ook andere aandachtspunten waar we niet omheen kunnen, zoals misschien de renteontwikkeling? Maar toch is de vraag…

Gaat het echt zo goed?

Gaat het wel zo goed als het lijkt? Wanneer je in 2020 belegd zou zijn geweest in de Amerikaanse S&P 500, bijvoorbeeld via een Indextrackers, hoe is het je dan vergaan? De S&P is de Amerikaanse AEX zullen we maar zeggen. In 2020 zou je ogenschijnlijk ruim 18% rendement hebben behaald. Dat is vrijwel allemaal koerswinst. Zoals we ook tijdens het recente webinars hebben laten zien, is dit plaatje enorm vertekend door de zogenaamde FAAAM Fondsen. (Facebook, Amazon, Apple, Alphabet/Google, Microsoft) en Netflix. Deze zes fondsen stegen met bijna 50% en trekken de S&P mee omhoog.
Wanneer je deze 6 fondsen niet meerekent, is het rendement op de S&P 494 slechts 4%. Zou je dan wederom niet beter af zijn met cash uit gewone hoogdividend-fondsen? Wij denken van wel.

De 500 fondsen die deel uit maken van de S&P, keren gemiddeld slechts 1,5% dividend uit. Daaronder bevinden zich ook de zogenaamde “dividend aristocrats”, je weet wel, bedrijven die elk jaar hun dividend verhogen maar waarbij het dividendrendement ook altijd tussen 1 en 3% blijft steken. Van dividendbeleggen op basis van de 500 grootste Amerikaanse fondsen moet je het dus niet hebben, behalve wanneer je een (hele) lange adem hebt.


Dan kun je veel beter op een ander manier gaan beleggen in S&P fondsen bijvoorbeeld via Closed end Funds (CEF). Dan is je dividendrendement al snel 3-4 keer hoger met daarnaast nog kans op koerswinst van de CEF zelf. Vaak zul je dan op een totaal gemiddeld rendement uitkomen van 6-12 % per jaar. Dat is ons streefdoel voor de EIP-portefeuille en ook nog eens op een rustige manier.

(10 jaar) gemiddeld totaalrendement (kolom 10)

Ondanks de recente (lichte) rentestijging in de VS blijft deze in verhouding zeer laag en dat lijkt voorlopig wel zo te blijven. Mede gezien de oplopende koersen worden dividendrendementen in het algemeen hierdoor gemiddeld wat lager voor instapers/(bij)kopers. Aan de andere kan geeft dit juiste een extra stimulans aan het verkrijgen van een hogere “AATR”

Wat is AATR?
Allereerst moet je je realiseren dat een CEF een beursgenoteerd en door mensen gemanaged bedrijf is met slechts (1) een soort bezitting (assets) te weten aandelen/effecten van andere bedrijven. Met deze bezittingen proberen de bestuurders van CEF-fondsen een hoog rendement te behalen voor de aandeelhouders in de vorm van continu dividend. CEF-Fondsen zijn dan ook bedoeld voor passief inkomen. CEF-koersen kunnen dus net zo fluctueren als alle andere beursfondsen en dat doen ze ook.

Daarom proberen we onze CEF’s zo te selecteren dat niet alleen het dividendrendement aantrekkelijk is, maar ook dat er goede vooruitzichten zijn op een hoog gemiddeld jaarrendement gemeten over x jaar. Dat kan wanneer de CEF-koers op termijn stijgt. Dit kan ook betekenen dat we soms een CEF in portefeuille nemen, waarbij misschien dividendrendement wat lager is, maar wel met een redelijke kans op extra koerswinst. Dat kan samen leiden tot een hoge gemiddelde jaarlijkse opbrengst op basis van:

Dividend (incl. eventuele dividendstijging) + koerswinst + periodiek herbeleggen van dividend.

In de VS noemt met dit AATR (Average Annual Total Return). AATR is een veel gebruikte term en wij zullen deze afkorting ook verder gebruiken. Het dividend doet zijn werk en intussen wachten we de eventuele koersstijging gewoon af, wanneer we de juiste keuzes maken natuurlijk. De gouden regel blijft immers:

Dividend, dividend-groei en herbeleggen van dividend zijn de belangrijkste drijvende krachten achter het rendement op aandelen.

En dat geldt zeker ook wanneer we dat doen via CEF’s. Daarom tonen we in kolom 10 van de voorbeeldportefeuille het “AATR- percentage” over de afgelopen 10 jaar (10-jaars gemiddelde jaarrendement op basis van herinvesteren van dividend).  Dat percentage geeft een beeld van de fondsprestaties van de afgelopen 10 jaar. Weliswaar kijk je dan terug maar het blijkt een goede indicatie voor de kwaliteit van het fonds en de markt waar men zich in beweegt.

We spraken de laatste tijd al gedurende webinars en workshops al geregeld over de “AATR” van CEF’s zoals Tekla Healthcare Investors (HQH), Liberty All-Star Equity Fund (USA) en BlackRock Science and Technology (BST).
Kijk eens mee hoe dit bijvoorbeeld werkt bij HQH.

CEF-AATR; voorbeeld HQH
Laten eens kijken naar Tekla Healthcare Investors, een fonds dat zich volledig richt op de gezondheidszorg en de technologische ontwikkelingen.
Onderstaande plaatje (van begin maart) laat de AATR zien over de afgelopen 10 jaar met en zonder herbeleggen van dividend.
Het betreft de groei van een investering van 10.000 $ op1 april 2011 tot heden.
Je ziet dat:

  • Zonder herbeleggen van dividend was het jaarlijks gemiddelde rendement (AATR) laatste 10 jaar 12,3%. Met herbeleggen is dit 15,1%.
  • Een investering van 10.000 $ in 2011 is inmiddels is gegroeid naar 42.000 dollar, inclusief herbeleggen. Zonder herbeleggen is dat ca 33.500 $.
  • Het resultaat deels bestaat uit koerswinst, maar grotendeels voortkomt uit dividend met of zonder herbeleggen. De koers van HQH is in afgelopen 10 jaar opgelopen van ca. 13$ naar 23$.
  • Bij herbeleggen intussen het aantal aandelen is vermeerderd van 745 naar 1800, die nog steeds dividend uitkeren! Zonder herbeleggen krijg je vanzelfsprekend nooit meer aandelen in bezit dan de oorspronkelijke 745 stuks.
  • Herbeleggen dus leidt tot een aanzienlijk beter resultaat op termijn.
Afbeelding1 1

Bij Liberty All-Star Equity Fund (USA) is het AATR-percentage 12,5% en bij Advent Claymore (AVK) 7% per jaar (met herbeleggen).

Een extreem voorbeeld van een hoge AATR is BlackRock Science and Technology Trust (BST)). Hier is momenteel het dividendrendement “slechts” ca 5 % maar de AATR over de afgelopen 6-7 jaar is maar liefst gemiddeld 25%/jaar. Bovendien heeft men recent het dividend met 20% verhoogd.

Dus onthoudt:
Herbeleggen is essentieel voor Dividend-beleggers wanneer je op termijn een optimaal resultaat wenst.

Conclusies
In de Easy Income Portefeuille laten we het AATR-percentage van alle CEF-fondsen zien, gemiddeld over de laatste 10 jaar of zo lang het fonds op de markt is (kolom 10). Ze liggen tussen 7 en 15% met een uitschieter naar 25%/jaar (BST).
Dit is inclusief herbeleggen van je dividend. Je kijkt natuurlijk terug in de tijd maar een goede “return historie” geeft ook vertrouwen voor de toekomst.
Als je bijvoorbeeld mee wilt liften met alle (Tech)ontwikkelingen de komende jaren en je gelooft in een voorlopig positief beurssentiment, dan zou je ook eens met deze blik naar kunnen kijken en wat meer investeren in fondsen met kans op een hoge AATR. Dus dividend + (kans op) koerswinst+ herbeleggen. Nogmaals, we kunnen niet in de toekomst kijken maar wel anticiperen op wat we verwachten van bepaalde (markt) ontwikkelingen. Via CEF’s kunnen we immers inspelen op alle marktontwikkelingen.

Wanneer herinvesteren van dividend?

Wanneer je in de positie bent om (een deel van) je ontvangen dividend regelmatig te herinvesteren dan moet je rekening houden met transactiekosten.
Beter is het om te wachten met herinvesteren tot je dat kunt doen met een redelijk bedrag t.o.v. de transactiekosten, zeg enige honderden euro’s minimaal. Een ander voordeel van herinvesteren van dividend is dat je automatisch gespreid belegt in de tijd. Dat vermindert het euro/dollar risico. Bovendien is het altijd verstandig om gespreid in de tijd te beleggen. Dan beleg je automatisch ook in goede en mindere tijden. Goede instapmomenten kun je tevoren toch niet voorspellen.
Uiteindelijk is het als dividendbelegger de kunst om elk jaar meer dividend te ontvangen dan het jaar daarvoor. Dat kan alleen door toevoegen van (dividend) aandelen aan je portefeuille. Zelfs wanneer je ontvangen dividend wilt gebruiken voor bijvoorbeeld (extra) pensioen, dan nog blijft het verstandig om telkens toch wat dividend te herinvesteren, al is het maar vanwege inflatie.

CEF, de ins en outs

Afbeelding2 1

Nu we sinds 1 januari van dit jaar zijn begonnen met het Easy Income Plan (naast het bestaand Actieve Income Plan) krijgen we ineens veel meer vragen over de achtergrond van Closed end Funds. En dat is logisch omdat CEF’s een aanzienlijk deel uitmaken van beide voorbeeldportefeuilles, bij het EIP zelfs 100%.

CEF’s zijn een HD-categorie waar veel (nieuwe) abonnees en/of Nederlandse/Belgisch beleggers aan moeten wennen omdat een dergelijk fondstype nu eenmaal niet bij ons voorkomt. Vandaar we er graag nog wat praktische informatie toevoegen uit eerdere artikelen hierover.

Opmerking
Vooraf kunnen we zeggen dat, wanneer je niet inhoudelijk geïnteresseerd bent in alle facetten van Closed end Funds, je vanzelfsprekend onderstaande informatie niet hoeft te lezen. Je kunt rustig de fondsen uit de voorbeeldportefeuille kopen zonder deze inhoudelijke kennis. Aan de andere kant kan het wel interessant en nuttig zijn voor mensen die wat meer over de ins en outs van Closed end Funds willen weten.

Zoals je inmiddels weet kun je een CEF zien als aandeel van een beursgenoteterd bedrijf met slechts een (1) soort bezittingen te weten aandelen/effecten van andere bedrijven. Een CEF bezit dus geen ander “assets” zoals machines, gebouwen etc. Wel wordt iedere CEF gemanaged door fondsbeheerders.

Veel beleggers vragen zich af hoe het (goede) managers van CEF’s lukt om meestal dividendredementen van 7-10 % te realiseren, terwijl de bezittingen/assets van de CEF hooguit gemiddeld 4-6% renderen. Is dit te mooi om waar te zijn of is er een logische verklaring voor?

Closed-end fondsen zijn prima HD-fondsen voor inkomensbeleggers, vooral diegenen die het dividend regelmatig herbeleggen en zo mogeijk extra investeren wanneer de koersen eens een dip/correctie vertonen. M.b.v. (hoge) contante dividenduitkeringen creeren we onze eigen groei in plaats van afhankelijk te zijn van wachten en hopen op koersstijgingen. Dit is een van de belangrijkste kenmerken die Closed-end Fondsen zo aantrekkelijk maken.

Beleggers kunnen vaak CEF’s kopen met kortingen van 5-10% of meer.
In dit verband spreekt men bij CEF’s ook over discounts & premium; hoe zit dat dan precies? Daarover straks meer.

Hoe kunnen CEF’s ca. 8-9 % rendement/jaar opleveren?
Een van de redenen is dat CEF’s gebruik kunnen maken van een bescheiden hefboomwerking, welliswaar streng reguleerd tot maximaal 30%. Ze kunnen geld (bij) lenen tegen de laagste rentetarieven die meestal niet beschikbaar zijn voor particuliere beleggers. 70% van alle Closed-end fondsen gebruikt een of andere vorm ervan. Hiermee kunnen CEF’s aanzienlijk extra rendement behalen op hun bezittingen.

CEF’s zijn ook ideaal voor het aanhouden van minder liquide maar vaak hoger renderende “assets” (zoals high yield obligaties, senior secured loans en converteerbare obligaties, preferente aandelen etc). In de voorbeeldportefeuille zijn ondermeer ISD, AVK en HTD daar voorbeelden van.

Tot slot kunnen de bezittingen van een CEF ook in waarde stijgen met name bij CEF’s die beleggen in aandelen. CEF’s zijn niet primair ontworpen voor het behalen van koerswinst maar men kan wel de waardestijging van de portefeuille doorgegeven in de vorm van dividend.

Ook de beurskoers van de CEF zelf kan stijgen. Daarmee kan een CEF dus ook een hoog AATR realiseren (dividend + koerwinst), zeker bij een positief beurssentiment en in groeimarkten, zoals we in onze inleiding hebben laten zien bij CEF’s als BST en HQH.

Dit alles bij elkaar maakt dat CEF-beleggers aanzienlijk hogere rendementen kunnen behalen tot wel 8-9 % op effecten/aandelen dan wanneer je deze zelf apart zou hebben gekocht op de beurs als ze al beschikbaar zouden zijn voor particulieren. Daarom zijn CEF-dividendrendementen veelal 3-4 keer hoger dan bij een vegelijkbare indextracker (ETF) in dezelfde markt.

Premie & discounts
Een uniek kenmerk van Closed-end Fondsen is dat je ze niet kunt kopen/vekopen tegen hun intrinsieke waarde; dat is de beurwaarde van hun bezitingen ook wel Net Asset Value genoemd. Je koopt/verkoopt een CEF gewoon tegen de beurskoers van dat moment. Deze beurskoers kan mogelijk hoger is zijn dan de huidige NAV van het fonds (d.w.z. je betaalt een premie) of eronder (d.w.z. je koopt met met korting). Deze “closed end functie” beschermt beleggers ook tegen een eventuele run op het fonds en maakt CEF’s ook ideaal voor het aanhouden van complexe en minder liquide effecten/aandelen. Het kopen van een CEF met korting is vaak interressant en voordelig.

Een voorbeeld:
Een CEF bezit een portefeuille van $ 100.000 aan bedrijfsobligaties die een gemiddelde rente van 6% betalen. Dat is $6.000 per jaar aan rente-inkomsten. Maar stel dat je die portefeuille zou kunnen kopen met 10% korting; dus voor $90.000. Dan zou je nog steeds $ 6.000 aan inkomsten ontvangen (6% van de nominale waarde van $ 100.000), maar jouw rendement zou nu 6,7% zijn op basis van 90.000 die je daadwerkelijk hebt betaald. Die 0,7% is een “bonusrendement”, omdat je een rendement van 6,7% krijgt i.p.v. 6%.

Er zijn vaak geen duidelijke redenen waarom een CEF handelt met een premie of met een korting, maar een aantal factoren wordt meestal genoemd zoals marktkredenen, prestaties/reputatie van fondsbeheerder (zoals Pimco waar je voor somige fondsen zelfs een forse premie betaalt), historische dividend-prestaties en de beleggingsstrategie.

Voor inkomensbeleggers zijn kortingen een duidelijk voordeel, omdat we activa/bezitingen van de CEF kopen voor minder geld dan hun totale marktprijs. Daardoor werken er uiteindelijk meer “assets” voor ons dan waarvoor we eigenlijk hebben betaald. Het voert hier te ver om de overige details te bespreken maar wanneer je een fonds koopt met een discount loopt je dus minder risico; er zit een risicobuffer in.

Het verschil van 0,7% lijkt op het eerste gezicht misschien niet veel maar kan na verloop van tijd een grote impact hebben op het totale rendement en de groei van je vermogen.

Constante kortingen – goed of slecht?
Veel beleggers kopen CEF’s graag met korting, maar daarna hoopt men vaak dat die korting gaat verdwijnen, verminderen of zelfs overgaat in een pemie, zodat met winst verkocht kan worden. Dat gebeurt vaak maar het hoeft niet. Maar wat als dat nooit gebeurt en het fonds voor langere tijd met een forse korting van 8,10 of 12% te koop blijft? Moet je het fonds dan vermijden? Niet per se. Als de korting een indicator is van een “’probleem”, dan misschien wel. Maar als het een gezonde CEF lijkt met een aantrekkelijk betaalbaar dividend, zich voor jou in “leuke markt” beweegt en over ervaren fondsmanagers beschikt, dan zou ik me niet laten afschrikken door een permanente korting. Zoals gezegd, op langere termijn is het een groot voordeel om meer activa voor je te laten werken tegen een lagere prijs en dus een lager risico.

Conclusie
Kortingen en hefboomwerking zijn voor CEF’s belangrijk om hogere opbrengsten te kunnen realiseren. Daarnaast is natuurlijk eventuele koerswinst voor de CEF zelf belangrijk. Er zijn dus nogal wat variabelen. De beheerskosten van een CEF bedragen overigens 1-1,2%.
Wij zijn fan van CEF’s onder andere om de redenen zoals hiervoor genoemd. CEF’s zijn flexibel en kunnen beleggen in vele soorten bezittingen/assets. Er zijn ca. 600 CEF’s in de VS. Daaronder natuurlijk goede en minder goede. Dat blijft de kunst van het selecteren voor onze voorbeeldportefeuille.
In elk geval kun je met CEF vrijwel nooit geld verliezen op termijn, dat is een plezierig vooruitzicht. Helaas zijn sommige CEF’s niet te koop via Binckbank maar voor onze voorbeeldportefeuille doen we ons best om CEF’s op te nemen die bij alle brokers verkrijgbaar zijn. En dat lukt aardig.

Vragen van Lezers

Wij ontvangen regelmatig (lezers)vragen onder meer naar aanleiding van webinars. Hierbij enige voorbeelden die mogelijk voor eenieder nuttig zijn

Afbeelding6

Vraag van Jan:
Ik ben sinds kort abonnee op het Easyplan. Ik heb o.a. Tekla Healthcare gekocht. Ik wil nu het aantal posten uitbreiden om over 2 jaar een contante uitkering voor mijn pensioen te realiseren. Omdat ik wel al geruime tijd beleg, maar geen expert ben, heb ik alle fondsen die in de voorbeeldportefeuille staan doorgestuurd naar mijn beleggingsadviseur.

Hier komt zijn reactie:
Hij heeft alle fondsen bekeken en kan er kort over zijn. Op het Blackrock Science & Technology Fund na voldoet geen der fondsen. Veel te volatiel, geen toegevoegde waarde en slecht verhandelbaar. De rode draad in de afgelopen 3 tot 5 jaar is “zware underperformance”. Wat moet ik hier mee?
Gaarne Uw mening.

Antwoord
Hallo Jan,
Helaas moet ik opnieuw constateren dat vrijwel geen enkele beleggingsadviseur en vermogensbeheerder in Nederland kennis heeft van de Amerikaanse methodiek van Hoogdividendbeleggen. Dat hebben we al zo vaak gezien en is juist de redenen waarom we het boek hebben uitgebracht. Daarnaast zijn de meeste financieel adviseurs niet blij wanneer je zelf gaat beleggen i.p.v. via/bij hun organisatie; ik weet niet of dat hier ook meespeelt.
Veel abonnees maken inmiddels gebruik van onze diensten en hebben de knop omgezet van “beleggen voor koerswinst naar beleggen voor inkomen”.
Het gebrek aan kennis van veel “specialisten” betreft ondermeer de (6) verschillen HD-Fondstypen, die in Nederland niet eens bestaan.

De EIP-portefeuille bestaat uitsluitend uit 1 fondstype te weten Closed end Funds; ook voor vrijwel alle Nederlandse “specialisten” onbekend helaas. Dat geldt ook voor het feit dat je ze vaak met een discount kunt kopen (t.o.v. waarde van de bezittingen) en ze daardoor ook hogere veiligheid bieden.
Je ziet dat vermogensbeheerder en adviseurs in Nederland conservatief blijven en nauwelijks openstaan voor andere methodieken zoals beleggen voor inkomen. Toch hebben al we veel adviseurs over de streep getrokken, nadat ze zich er daadwerkelijk in hebben verdiept.

Je spreekt bijvoorbeeld over Tekla (HQH). Dit plaatje [zie hierboven in deze Actueel] laat zien dat je met wel/niet herbeleggen van je dividend een rendement zou hebben gehaald van resp. 12,3% of 15,1% per jaar over de afgelopen 10 jaar. Dat is deels koerswinst, maar komt grotendeels voort uit dividend en herbeleggen. Bovendien heb je intussen het aantal aandelen vermeerdert van 745 naar 1800 bij herbeleggen!

Zoals je weet kom ik zelf niet uit de financiële wereld, ik beleg al vele jaren rustig op deze wijze tot volle tevredenheid. Ik heb ook alle fondsen in bezit. Je kunt bovendien elke CEF elke minuut van de dag verhandelen. Mijn suggestie is dat je jouw adviseur vraagt om zich eens verder te verdiepen in de materie door bijvoorbeeld een van onze webinars te volgen.

Antwoord Jan:

Zeer bedankt voor de snelle en uitvoerige reactie. Zijn advies is voor mij niet bevredigend en heb ook de indruk dat hij niet weet waar hij over praat!!! Ik zal hem adviseren eens naar je te luisteren. Ik geef hem door dat ik zo niets aan zijn advies heb. Wel heb ik voor mezelf al beslist dat ik doorga met het opbouwen van een portefeuille voor een toekomstige uitkering over 2 jaar.

Video’s op YouTube

Fred Hendriks heeft recent een podcast gemaakt samen met Harm van Wijk, oprichter van Beleggen.com met inmiddels bijna 40.000 leden. Je kunt deze podcast ook bekijken via YouTube
https://www.youtube.com/watch?v=9S45q78HEyE

Afbeelding8

Wil je (nog eens) weten wat “beleggen voor (passief) inkomen” inhoudt en hoe je dat moet doen? Bekijk dan ook eens onze video op YouTube. En misschien heb je familie, kennissen of relaties in je omgeving die ook geïnteresseerd zouden kunnen zijn in de methodiek van hoogdividend-beleggen? Dan is het is het bekijken/ doorsturen van deze link een eerste stap.
https://youtu.be/dRxKztbmxQc

Afbeelding9

Ook de opname van het recente Binck-webinar is nog altijd te zien. Peter Siks nodigde Fred Hendriks uit om te vertellen over de mogelijkheden van hoogdividend-beleggen. Siks is behalve beleggingstrainer ook auteur van het bekende boek ‘Beleggen voor Dummies’. Hij weet precies wat beginnende en gevorderde beleggers bezighoudt en speelde daar tijdens het webinar perfect op in blijkens de vele positieve reacties. Daarom deel ik hier graag de link naar de opname van het webinar. 
Klik hier en ga er eens rustig voor zitten zou ik zeggen.

De Voorbeeldportefeuille

De voorbeeldportefeuille lijkt op dit moment stabiel, alle dividend worden betaald en er is op dit moment geen reden om grote wijzigingen aan te brengen. De portefeuille is goed gespreid over talloze marktsegmenten (zie kolom 3) van de VBP en CEF-typen.

Voor de goede orde:
Het is niet onze bedoeling om de VBP vaak te wijzigen, integendeel. Zo lang een fonds stabiel continu dividend betaalt en past binnen onze marktbenadering laten we het meestal zo. In de loop van de tijd willen we de CEF-portefeuille nog wel wat uitbreiden. Dat neemt niet weg dat ook een CEF-dividendportefeuille moet worden bijgehouden en dat mutaties af en toe nodig zullen blijken.

Voor de volledigheid:
Alle koersen en dividendrendementen zijn actueel en worden realtime bijgehouden.
AATR (kolom10) en Discount & Premie (kolom11) worden maandelijks geactualiseerd.

Portefeuille weetjes
BlackRock Science & Technology Trust (BST)BST doet het buitengewoon goed als Closed end Fund. Recent heeft BST het dividend verhoogd met ruim 20%. Dat zie je niet zo vaak van 0,18$ naar 0,22$/aandeel. Hiermee komt het dividendrendement op bijna 5%. Maar zoals we eerder hebben laten zien is het gemiddelde jaarlijkse rendement van BST (dividend + koerswinst + herbeleggen) maar liefst ca. 25% per jaar sinds de oprichting ruim 6 jaar geleden. Daar doen we het ook voor.

Liberty All-Star Equity Fund (USA), het weten waard
Hiervoor schreven we al over de eigenschappen, voordelen, organisatievorm, enz. van CEF’s. Daarbij komt ook steeds naar voren dat kwaliteit en reputatie van het managementteam één van de belangrijkste selectiecriteria is voor opname in de voorbeeldportefeuille. Dat weten de managers van een CEF natuurlijk ook, vandaar dat sommige CEF-besturen hier met succes op inspelen. Dat geldt zeker voor “Liberty All-Star Equity Fund” (USA), dat al bestaat sinds 1986. Er zij twee opvallende kenmerken bij USA te weten:

  • Men “garandeert” 10% van NAV als dividend te betalen.
    NAV (Net Asset Value) is de (beurs)waarde van alle CEF-effecten/bezittingen. De NAV van USA is gemiddeld met 6,6 % per jaar gegroeid in de laatste 20 jaar.
  • Opvallend is ook dat het managementteam van USA bestaat uit vijf personen plus een toezichthouder die onafhankelijk opereert van de fondsmanagers. Elke fondsmanager heeft zijn eigen specialisatie m.b.t tot groei-, en waarde-aandelen.

Deze aanpak maakt USA tot een van de best presterende CEF’s op de markt al gedurende een lange reeks van jaren met een dividendrendement van ca 9-10 % gemiddeld. Dat je het maar weet.

Beter beleggen – Academy
Webinars | Workshops | Consult-online