Ook DeGiro stopt met Closed-end-Funds

In mijn blog van 13 maart 2018, alsmede in de nieuwsbrief, heb ik uitvoerig aandacht besteed aan de interpretatie van de Pripp-verordening door Binckbank.
De Europese Pripp-verordening houdt in dat bepaalde (Amerikaanse) fondsen een “Nederlandstalige bijsluiter” moeten bieden, anders mag het fonds niet meer door een Nederlandse broker worden aangeboden.
Na Binckbank heeft helaas nu ook DeGiro besloten om een groot deel van de CEF’s niet meer beschikbaar te stellen alvorens het betreffende fonds een Nederlandstalige bijsluiter publiceert.
Dit is een draai van 180 graden van DeGiro t.o.v. hun eerdere interpretatie, waarbij men verklaarde dat de Pripp niet van toepassing is op aandelen en dus ook niet op CEF’s.
Waarom deze draai?

Zoals u inmiddels weet zijn CEF’s typisch Amerikaanse beleggingsfonds-aandelen; een vorm die in Europa vrijwel onbekend is. CEF’s bieden gewoonlijk hoge dividendrendementen worden veelal aangeboden door grote stabiele financiële instellingen in de VS met als doel vermogensvorming en pensioenopbouw. U koopt ze als gewoon aandeel op Amerikaanse beurzen.

Het niet meer aanbieden van deze fondsen door Nederlandse brokers is o.i. in tegenspraak met eerdere berichtgeving zoals wij die van de AFM ontvingen.

“Met ingang van 1 januari 2018 moet er voor een groot aantal beleggingsproducten en verzekeringsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) een Essentiële-informatiedocument verstrekt worden. Dit is bepaald in Europese wetgeving. In december 2016 heeft de AFM via de publicatie van een veelgestelde vraag op haar website kenbaar gemaakt dat zij geen andere taal dan het Nederlands aanvaardt. Het doel van het Eid is retailbeleggers inzicht te verschaffen in de kenmerken van een PRIIP, zoals het verwachte risico, rendement en kosten. Dit doel wordt volgens de AFM het best bereikt door het Eid in ieder geval in het Nederlands beschikbaar te stellen. Het is niet mogelijk hiervan af te wijken.

“De ontwikkelaars en aanbieders van producten moeten zelf bepalen of ze hun producten wel of niet onder de definitie van een PRIIP laten vallen. De Europese Commissie die deze wet(Verordening) heeft opgesteld, heeft geen lijst met producten benoemd die onder de definitie vallen”

Ogenschijnlijk heeft de AFM alsnog besloten om Nederlandse brokers te verplichten/verzoeken om CEF-fondsen niet meer aan te bieden alvorens de bijsluiter aanwezig is. Dit lijkt in tegenspraak met het feit dat aanbieders van deze producten dit zelf mogen bepalen.
De vraag hierbij is wie de aanbieder is; is dat de uitgevende Amerikaanse instelling of Nederlandse brokers die ons deze fondsen aanbieden?
Wij hebben de AFM hier verdere vragen over gesteld en zullen een en ander met u delen zodra dit kan.

Intussen kunnen wij niets anders dan (voor ons relevante) aanbieders/ontwikkelaars van dergelijks fondsen (in de VS) aanschrijven met met verzoek om z.s.m. een Nederlandse bijsluiter te ontwikkelen en te publiceren. Vanzelfsprekend hebben wij geen enkel idee of men hier snel gehoor aan geeft.
Daarnaast zullen wij de modelportefeuille (tijdelijk) in een andere richting gaan sturen v.w.b. het toevoegen van nieuwe hoogdividendfondsen. Gelukkig is er keus genoeg maar het blijft bizar dat honderden populaire CEF’s van ‘s werelds grootste financiële instellingen opeens niet meer beschikbaar zijn voor Nederlanders, noch privé noch zakelijk. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

We houden u op de hoogte!

 

Nogmaals Pripp: Binckbank roomser dan de paus?

Opnieuw besteed ik deze blog aandacht aan een van de – belangrijke – verschillen tussen de diverse brokers. Wanneer u gaat beleggen in Amerikaanse Hoogdividendaandelen is het verstandig om een (Nederlandse) broker te kiezen die in alle opzichten volledig thuis is in Amerikaanse fondsen en deze ook kan aanbieden en afhandelen v.w.b. regelgeving en (bron)belastingen.
De in Nederland gevestigde brokers doen dit op hoofdlijnen prima, maar gaan toch op een aantal punten verschillend om met deze zaken. In de voorbeeldportefeuille zullen we dan ook vanaf heden (binnen onze mogelijkheden) proberen aan te geven of er aandachtspunten zijn m.b.t. beschikbaarheids- en (bron)belasting-issues bij de diverse brokers.

Zo is er de afgelopen periode veel tumult geweest m.b.t de nieuwe Pripp-verordening. Ik noemde dit in de laatste nieuwsbrief zelfs een bizarre maatregel.

De Pripp-verordening houdt in dat bepaalde Amerikaanse fondsen een “Nederlandstalige bijsluiter” moeten bieden, anders mag het fonds niet meer door een Nederlandse broker worden aangeboden.

Met name de zogenaamde Closed end Funds (CEF’s) in onze voorbeeldportefeuille worden hierdoor geraakt wanneer u Binckbank als broker heeft.
CEF’s zijn typisch Amerikaans en bieden gewoonlijk hoge dividendrendementen. Ze worden aangeboden door grote stabiele financiële instellingen in de VS met als doel vermogensvorming en pensioenopbouw. Bovendien kunt u ze gewoon, als aandeel, kopen op de Amerikaanse beurzen.

Onze voorbeeldportefeuille bevat 8 CEF’s die u, t.g.v. de Pripp-verordening, niet meer kunt kopen via Binckbank. Maar bijvoorbeeld wel bij DeGiro!
We hebben navraag gedaan bij de AFM. Die meldt het volgende:

Met ingang van 1 januari 2018 moet er voor een groot aantal beleggingsproducten en verzekeringsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) een Essentiële-informatiedocument verstrekt worden. Dit is bepaald in Europese wetgeving. In december 2016 heeft de AFM via de publicatie van een veelgestelde vraag op haar website kenbaar gemaakt dat zij geen andere taal dan het Nederlands aanvaardt. Het doel van het Eid is retailbeleggers inzicht te verschaffen in de kenmerken van een PRIIP, zoals het verwachte risico, rendement en kosten. Dit doel wordt volgens de AFM het best bereikt door het Eid in ieder geval in het Nederlands beschikbaar te stellen. Het is niet mogelijk hiervan af te wijken.

De ontwikkelaars en aanbieders van producten moeten zelf bepalen of hun producten wel of niet onder de definitie van een PRIIP vallen. De Europese Commissie die deze wet(Verordening) heeft opgesteld, heeft geen lijst met producten benoemd die onder de definitie vallen. Wel zijn er eigenschappen benoemd, waarmee marktpartijen kunnen bepalen of een product wel of niet onder de definitie van een PRIIP valt en of er een Eid ontwikkelt en verstrekt moet worden.

Op basis van dit AFM-antwoord hebben we zowel aan Binck als DeGiro gevraagd om de CEF’s  weer beschikbaar te maken resp. te houden. CEF’s zijn namelijk in de VS gewone aandelen die niet onder een Pripp zouden moeten vallen.

Het antwoord van Binckbank:

“…Juridisch zien wij ook geen argumenten om Closed-end funds buiten de formele reikwijdte van PRIIPS te kunnen houden. Het verschil tussen Closed-end en open-end funds zit ook met name in de wijze van verhandeling en niet in de aard van het product. De doelstelling van PRIIPS is juist om de aard (deze specifieke kenmerken) van het product inzichtelijk te maken…”

Het (tegenstelde) antwoord van DeGiro:

“…In principe is de regelgeving niet van toepassing op welke aandeel dan ook. De door u genoemde aandelen (CEF-aandelen uit onze portefeuille) kunnen nog steeds worden gekocht…”

Conclusie

De interpretatie van de Pripp-verordening van DeGiro is m.i. juist. CEF’s zijn immers gewone aandelen. Voorlopig komen we er bij Binckbank niet doorheen en is het wachten op Nederlandstalige bijsluiters van de betrokken fondsen. Hoe lang dit gaat duren is onduidelijk. Het lijkt erop dat de compliance-afdeling bij Binckbank op dit punt het laatste woord heeft.  U kunt CEF’s daar voorlopig niet (bij)kopen; u kunt wel uw huidige CEF’s in portefeuille houden en dividend blijven ontvangen.
Intussen kunnen wij niet anders dan u wijzen op deze situatie. Voor een juiste risicospreiding van onze (en uw) portefeuille is het nodig om verschillende typen fondsen op te nemen. Amerikaanse CEF’s  zijn daarvoor belangrijk.
Wanneer u hoogdividend CEF’s in uw portefeuille wilt aankopen of toevoegen, dan moet u dus vooralsnog een (extra) account bij bijvoorbeeld DeGiro nemen. Niet echt handig, maar op dit moment helaas realiteit.

PRIPP gooit roet in het eten

Vele van onze lezers hebben een beleggingsrekening bij een Nederlandse broker zoals Binckbank, DeGiro, etc. Binckbank en DeGiro hebben enige dagen geleden hun relaties laten weten, dat men in een aanzienlijk aantal fondsen voorlopig niet kan beleggen.
De reden is het van kracht worden van de Europese PRIIPs verordening op 1 januari 2018.  Aanbieders van (speciale) fondsen en beleggingsproducten dienen eerst het zogenaamde Essentiële Informatiedocument (Eid) beschikbaar te stellen in de Nederlandse taal. Een Eid is een soort financiële bijsluiter.
Vooralsnog treft deze verordening ook een aantal fondsen uit onze voorbeeld-portefeuille.
Wij zijn hierdoor volledig verrast, mede omdat wij het onbegrijpelijk vinden dat er ook fondsen van grote gerenommeerde aanbieders zoals Pimco en Blackrock op de lijst staan.
Wat opvalt is dat de “getroffen” fondsen uit de voorbeeldportefeuille allemaal zogenaamde Closed End Funds (CEF) zijn. Wij hebben dergelijke dergelijk fondsen al jaren in bezit c.q. opgenomen in de portefeuille.
Wij hebben dan ook weinig begrip voor deze nieuwe situatie.
De PRIFF- verordening is, volgens de site van de AFM, niet van toepassing op gewone aandelen of obligaties. CEF’s worden in de VS verhandeld als gewone aandelen (dit in tegenstelling tot open-end funds zoals wij die veelal in Europa kennen). Wij zullen deze zaak dan ook ter verdere beoordeling voorleggen aan de AFM. De reactie van Binck en ook van DeGiro is dat men hier niets aan kan doen.
Zij gaan ervan uit dat genoemde fondsen op termijn de bijsluiter zullen gaan verstekken in alle Europese landen.
U kunt dus voorlopige een aantal fondsen uit onze voorbeeldportefeuille niet kopen. Reeds in uw bezit zijnde fondsen kunt u gewoon behouden en het dividend loopt ook door. Fondsen verkopen blijft ook mogelijk.
Wij houden u op de hoogte; wordt vervolgd.

Huisbaas zonder zorgen?

Real Estate investment Trusts (REIT’s) klaar voor 2018

Wanneer u in onroerend goed investeert, afgezien van uw eigen woning, 
kunt u veelal genieten van huuropbrengsten en misschien waardestijging. 
Als eigenaar krijgt u daarbij ook de zorgen. Is/blijft uw huurder credit-waardig, houdt uw pand zijn waarde, zijn of komen er (verborgen) gebreken? 
En what about de onderhoudskosten; allemaal onzekerheden voor u als huisbaas.

Wilt u dat allemaal wel?

Wanneer u deze zorgen niet wilt, adviseer ik u eens te kijken naar Amerikaanse Real Estate Investment Trusts (REIT’s). U kunt hiermee een vergelijkbare stabiele inkomensstroom (dividend) verkrijgen zonder alle kopzorgen.

Zoals u wellicht weet bestaan er vele specialistische REIT’s met investeringen in bijvoorbeeld winkelcentra, datacenters, gezondheids-, en (senior) housing faciliteiten en telecom-infrastructuur.

Amerikaanse analisten zijn het erover eens dat REIT’s in 2018 eveneens in koers kunnen stijgen. De reden: Trump en zijn nieuwe belastingplan. Hierdoor gaan Amerikanen aanzienlijk minder belasting betalen over hun (REIT) dividendinkomsten.

Vergeet daarbij niet dat REIT’s in de VS geen winstbelasting hoeven te betalen; ze zijn dan wel verplicht om 90% van hun winst uitkeren in de vorm van dividend!

Vandaar ook de hoge dividenden tot wel 12%, die voor ons slechts met 15% bronbelasting worden belast. Bovendien zijn REIT’s op dit moment betrekkelijk goedkoop door de angst voor een verdere rentestijging. In het verleden is echter altijd gebleken dat een rentestijging juist goed is voor REIT’s, omdat de economie aantrekt, er meer vraag ontstaat naar onroerend goed en de opbrengsten stijgen.

De voorbeeldportefeuille bevat talloze REIT’s; fondsen die u gewoon kunt kopen op de beurs. Abonnees op onze maandelijkse nieuwsbrief en voorbeeld-portefeuille doen er al hun voordeel mee. U ook binnenkort?

Bronbelasting op preferente aandelen; het vervolg

Zoals u heeft kunnen lezen in mijn laatste blog, hebben talloze abonnees vragen gesteld over de hoogte van de bronbelasting bij Amerikaanse preferente aandelen. Onze voorbeeldportefeuille bevat namelijk talloze preferente aandelen (pref’s), die als kenmerk hebben dat ze door (grote) gerenommeerde organisaties worden uitgegeven. Ze zijn zeer stabiel en bieden, gedurende de vaak lange looptijd, een vaste uitkering. Dat maakt deze fondsen veelal tot “laagrisico-fondsen”.

In mijn blog van 1 december jl. met als titel “Bronbelasting bij DeGiro niet altijd juist berekend” heb ik u hierover al geïnformeerd.
Wij hebben inmiddels enig contact gehad met DeGiro en helaas verwijst men ons steeds naar hun Amerikaanse tegenhanger/broker. Deze Amerikaanse broker houdt standaard 15% bronbelasting in op pref’s en DeGiro berekent dit door aan haar klanten.

Een en ander blijft intussen zeer tegenstrijdig omdat bijvoorbeeld Binckbank nooit bronbelasting op pref’s inhoud, zoals ik zelf al jaren ervaar. DeGiro daarentegen rekent, ons inziens onterecht, 15% bronbelasting en dat kost ons/u dus geld.

Uitkeringen van Pref ’s moet namelijk worden gezien als rente (zoals bij obligaties) en niet als dividend. Er wordt namelijk altijd een couponrente genoemd bij pref’s. Ook sommige van onze relaties, die handelen via hun eigen huisbank, lopen regelmatig tegen dit probleem aan. Om deze discussie met de diverse brokers/banken verder te kunnen voeren, en eventueel onafhankelijk advies te vragen, ontvangen wij graag meer informatie van u als belegger.

Ons verzoek is daarom om uw ervaringen m.b.t. de inhouding van bronbelasting op pref’s met ons te delen.
Hoe gaat uw broker (Binck, Alex, Lynx, DeGiro, uw eigen bank etc.) hier mee om; laat het ons weten. Met deze gegevens kunnen wij verdere stappen ondernemen en daarmee hopelijk duidelijkheid scheppen voor onze relaties.

Stuur een mail naar: info@beterbeleggendandebank.nl

Bronbelasting bij DeGiro niet altijd juist berekend

Met grote regelmaat krijgen wij vragen en opmerkingen over de verwerking van bronbelasting bij de diverse brokers. Ook tijdens de recente drukbezocht workshop van zaterdag 25 nov. jl. is dit onderwerp uitvoerig aan de orde geweest. Onze relaties doen hun zaken via diverse brokers zoals DeGiro, Binck, Alex, Lynx etc. Daarnaast werken sommigen via de brokerafdeling van hun eigen (huis)bank, zoals die van bijvoorbeeld ING, ABN of RABO.
In dit laatste geval lopen de zaken niet altijd even soepel. De grootbanken zijn veelal niet goed in staat om specifieke fondsen uit de voorbeeldportefeuille snel beschikbaar te maken. Daarnaast wordt de bronbelasting regelmatig op een onjuiste wijze verwerkt of tegen een verkeerd percentage (automatisch) ingehouden. Dat geeft vaak extra rompslomp voor u als belegger.

DeGiro: probleem met preferente aandelen.
Een dergelijk probleem doet zich constant voor bij DeGiro m.b.t. preferente aandelen. Zoals u weet bestaat onze (gespreide) voorbeeldportefeuille uit talloze type fondsen. Een van deze types zijn preferente aandelen. Amerikaanse preferente aandelen vormen een belangrijke component in onze portefeuille omdat:

  • Altijd een vast dividend (rente) wordt uitgekeerd.
  • Ze meestal erg stabiel zijn.
  • De koers zich veelal beweegt rondom de intrinsieke waarde (meestal ca. 25 dollar).
  • De bronbelasting 0% bedraagt (zoals aangegeven de voorbeeldportefeuille).

Over dit laatste punt krijgen wij veel “klachten” over DeGiro m.b.t. de inhouding van bronbelasting. Men rekent consequent 15% bronbelasting op Amerikaanse preferente aandelen terwijl dit 0 % moet zijn.
Feit is namelijk dat de uitkeringen van Amerikaans preferente aandelen moeten worden beschouwd als rente-inkomsten (geen dividend). Daarom is 0% bronbelasting van toepassing.

In de antwoorden va DeGiro krijgen wij/onze relaties steevast te horen dat hun Amerikaanse broker/tegenhanger dit zo regelt.

Wij hebben deze situatie inmiddels aangekaart bij de directie van DeGiro; gevraagd een einde te maken aan de verwarring en de beleggers alsnog te compenseren. Daarbij hebben wij er wederom op gewezen dat collegabrokers, waaronder Binckbank, wel altijd de juiste 0% bronbelasting in rekening brengt.

Wij wachten de officiële reactie van DeGiro af en houden u op de hoogte van de verdere ontwikkelingen.

Hoe kies je hoogdividend-aandelen?

Op zaterdag 28 oktober 2017 heeft de eerste workshop “Hoog Dividend Beleggen” plaatsgevonden in Woerden. Ik meen te kunnen zeggen dat de bijeenkomst, zowel voor de deelnemers als voor ons (de uitgever en ik) een interessante en plezierige ervaring was, waarbij vele zaken op een interactieve wijze aan de orde zijn gekomen. Dat bleek ook uit de ingevuld evaluatieformulieren.

Een van de onderwerpen betrof de veel gestelde vraag:
“Hoe moet je Hoogdividend-aandelen beoordelen v.w.b. kwaliteit, risico en kansen”.

Met andere woorden; wanneer worden Hoogdividend-aandelen in onze voorbeeldportefeuille opgenomen en waarom?
Beleggers, die uitsluitend een voorbeeldportefeuille volgen, hebben hier op korte termijn mogelijke minder interesse in. Echter, voor mensen die het hoogdividend-beleggen meer in de vingers (willen) krijgen en actiever met hun portefeuille willen omgaan, wordt deze vraag relevant. Wanneer u zelf op onderzoek uitgaat naar geschikte hoogdividend-aandelen kunt u gebruik maken van talloze beoordelingscriteria.

Deze criteria hebben we tijdens de workshop meer in detail kunnen behandelen en bleken verhelderend voor het inzicht van alle deelnemers.
In deze korte blog kan ik hier niet uitvoering op ingaan, maar wel enige algemene beoordelingscriteria noemen voor de keuze van hoogdividend-aandelen zoals:

  • Dividendhistorie (hoe veel jaar wordt het dividend al stabiel uitgekeerd?).
  • Dividendverloop (is er groei/krimp van het dividend gedurende de laatste jaren?).
  • 52-weeks gemiddelde van de koers (kan ik een gunstig instapmoment kiezen?).

Verder zijn er criteria die meer bedoeld zijn voor “specialisten” zoals:

  • Discount and Premiums (bij Closed end Funds).
  • Funds From Operations (Percentage van de winst dat wordt uitgekeerd in de vorm van dividend).
  • Inkoop eigen aandelen (gunstig voor bestaande aandeelhouders).
  • Insiders buying.

Deze laatste is een maatstaf voor het vertrouwen van het management in het bedrijf, omdat het management in persoon eigen aandelen koopt en dit ook publiekelijk meldt.

Zelf gebruik ik deze criteria zovele mogelijk, aangevuld met opinies van analisten die ik dagelijks volg. Dit alles leidt, al of niet, tot de opname van een aandeel in de voorbeeldportefeuille en het toekennen van en risicoprofiel.

De keuze-criteria van HD-aandelen is slechts een van de onderwerpen die tijdens de workshop worden behandeld. Als u er ook meer van wilt weten raad ik u aan de workshop te volgen.

Ondanks alle beoordelingscriteria blijken sommige fondsen in de lijst toch “zorgenkindjes” te kunnen worden, waarbij een en ander niet volgens de verwachting verloopt. Gelukkig is dat maar een zeer beperkt aantal.  “That’s all-in the game”, zoals u zult begrijpen.

Verborgen dividend

U heeft ongetwijfeld wel eens gehoord van “Dividend Aristocrats”. Dit is een groep van ca. 40 grote (vrijwel uitsluitend Amerikaanse) ondernemingen, die al ruim 30-40 jaar hun dividend jaarlijks verhogen. De meeste van deze vaak bekende ondernemingen zoals UPS, Shell, Exxon, Pocter & Gamble etc. betalen jaarlijks gemiddeld ca 3-4% dividend.

Dat is niet veel zult u zeggen en het duurt ogenschijnlijk vele jaren voor dat u hiermee dividendrendementen van 8-12 % realiseert t.o.v. uw oorspronkelijke inleg.

Of niet?

Een feit is dat stijging van het dividend bijna altijd wordt gevolgd door stijging van de koers. Een jaarlijkse dividendstijging van bijvoorbeeld 10% leidt grosso modo ook tot een jaarlijkse evenredige dividendstijging van de koers. Zo blijven dergelijke aandelen altijd min of meer hetzelfde dividendrendement houden van ca 3-4%.

Ondertussen gaan de koers wel steeds omhoog. Wanneer het dividend stijgt hebben beleggers namelijk de neiging om (bij) te kopen.

Uw rendement bestaat dus op termijn uit jaarlijks oplopend dividend plus koerswinst.

Twee voorbeelden:
Het dividend van Pocter and Gamble is de laatste vijf jaar met 27% gestegen; in deze periode steeg de koers eveneens met ca 27%!  UPS heeft zijn dividend in deze periode met 36 % verhoogd; de koers zelf steeg ruim 50%.

De vuistregel is dus dat dividendstijging wordt gevolg door koersstijging.

Op deze wijze kunt u, op termijn, ook toewerken naar een jaarlijks rendement van 10-12%, veelal rotsvast omdat het grote gerenommeerde ondernemingen betref. Op deze wijze heeft Warren Buffet zijn vermogen deels opgebouwd.

Bij hoogdividend-aandelen vindt u minder fondsen die periodiek hun dividend verhogen; het is immer al hoog. Herbelegging van het hoge dividend is dan de weg naar meer vermogen.

Wanneer u echter wat jonger bent, of bijvoorbeeld wilt beleggen voor uw kinderen, is het zeker het overwegen waard om enige “Dividend Aristocrats” op te nemen uw portefeuille. Vanuit “beter beleggen dan de bank” besteden we uitsluitend aandacht aan hoogdividend-aandelen; over “Aristocrats” kunt u zelf voldoende informatie te vinden. Misschien toch eens naar kijken?

Dividendrendement en dividendgroei op langere termijn alles bepalend

Tijdens de talloze spreekbeurten en presentaties laat ik niet na te wijzen op het feit dat de Amerikaanse dividendcultuur ook daadwerkelijk een cultuur is. Amerikaans bedrijven en fondsen zullen er in principe alles aan proberen te doen om hun dividend op zijn minst zo veel mogelijk stabiel te houden.  Een dergelijke dividendcultuur is in Nederland/Europa helaas ver te zoeken.

Wist u dat, op langere termijn, uw beleggingsresultaat voor meer dan 90% wordt bepaald door dividendinkomsten en dividend groei. Op korte termijn hebben koersschommelingen natuurlijk de meeste invloed, op lange termijn is dat precies omgekeerd.

Amerikaanse fondsen weten dat ook en proberen hun dividend niet alleen stabiel te houden maar ook regelmatig te verhogen. Bij hoogdividend fondsen zijn dividendverhogingen minder aan de orde omdat het dividend al zo hoog is.
Toch proberen ook sommige fondsen uit onze portefeuille er nog een schepje boven op de doen zoals ik in de blog van augustus al melde m.b.t. Omega Healthcare (elk kwartaal een dividendverhoging). Minder bekend is dat sommige fondsen ook een extra einde-jaardividend uitkeren.

De voorbeeldportefeuille bevat enige van dergelijke fondsen die in december twee dividenduitkeringen doen te weten het “gewone dividend” en een extra dividend. Dit laatste is geen zekerheid maar wel zeer waarschijnlijk wanneer we de laatste jaren als maatstaf nemen. Dit extra dividend kan heel significant zijn waardoor het dividendrendement van het fonds aanzienlijk hoger is/wordt dan regulier wordt vermeld in het portefeuilleoverzicht. Zoals gezegd bevat de voorbeeldportefeuille enige van dergelijk fondsen. Om in aanmerking te komen voor de extra dividenduitkering moet u wel half november 2017 in bezit zijn van deze fondsen.  Abonnees van de site/voorbeeldportefeuille lezen er meer over in de laatste update.

 

Workshops: Hoogdividend-beleggen in de praktijk

Afgelopen dinsdag 12 september heeft in Amstelveen het eerste seminar plaatsgevonden met als titel “Een zekere financiële toekomst met (Hoog) Dividend Beleggen”. De bijeenkomst werd druk bezocht waardoor wij ook helaas een aanzienlijk aantal mensen hebben moet teleurstellen v.w.b. deelname. Wij overwegen daarom de komende tijd meer van dergelijke bijeenkomsten te organiseren. Een aanzienlijk aantal van de bezoekers bleek het boek “Beter beleggen dan de bank” al gelezen te hebben. Mede daardoor was de interactie tussen sprekers en deelnemers al deels gebaseerd op (beginnende) ervaringen met dividendbeleggen.

Teneinde zowel startende als meer ervaren HoogDividend-beleggers verder te helpen bij de opbouw van hun portefeuilles, beginnen wij binnenkort met workshops “Hoog dividend beleggen in de praktijk”.  De workshop omvat een dagdeel (zaterdag). U wordt op een praktische en interactieve wijze “aan de hand genomen” om uw eigen portefeuille samen te stellen om deze vervolgens (zelf) te kunnen onderhouden. Daarnaast komen ook andere zaken aan de orde zoals vormen van dividend, soorten hoogdividend-fondsen, samengestelde interest (dividend op dividend), spreiding en het maken van uw eigen financiële planning.

De eerste workshop is op 28 oktober 2017 in Woerden; bij voldoende belangstelling zullen wij de workshops ook in andere delen van het land gaan geven. Ook kan de workshop op uw locatie worden gegeven bij voldoende deelname. U kunt zich via de site aanmelden.